Irina Simon-Renes

““Ik denk dat de notie van succes verandert met het voortschrijden der jaren. Toen ik op school zat op het Enescu-lyceum in Boekarest, betekende succes hoeveel prijzen ik in de wacht sleepte en of ik op de eerste, de tweede of de derde plaats kwam op het eindexamen. Toen ik eenmaal in Duitsland was, bestond succes eruit dat ik een plek vond in een zo goed mogelijk orkest, en ik kan zeggen dat ik daarin ben geslaagd. Ik vind het heerlijk om tweede viool te spelen in een orkest en ik ben blij dat ik dit kan doen, want bepaald makkelijk is het niet, maar ook omdat anderen vinden dat ik het er goed vanaf breng. Hier in Nederland weet ik niet of ik succes heb, maar ik ben blij dat ik leef, ik ben blij dat ik deze vreugde met anderen kan delen. Als dat succes is, laat dat dan maar zo zijn. In staat te zijn je leven te leiden zoals je wilt, ik denk dat dit nu mijn succesformule is. Maar vraag het me over 20 jaar nog maar een keer, wellicht denk ik er dan anders over!””
Irina Simon-Renes werd geboren in Boekarest waar ze viool studeerde aan de George Enescu Special School for Music. In 1990 verhuisde ze naar Duitsland om haar vioolstudie voort te zetten. Ze won verschillende nationale en internationale concoursen voor jonge muzikanten, waaronder in Duitsland en Italië. In 2000 ging ze in op het verzoek van het Filharmonisch Staatsorkest van Hamburg om als tweede violiste te spelen. Tussen 2011 en 2009 maakte ze deel uit van het Bavaria Radio Symfonie Orkest. Na haar jaren in Duitsland, verhuisde ze naar Nederland. In 2010 initieerde zij haar eigen kamermuziekfestival, The International Chamber Music Festival Wassenaar. In 2012 ontving ze de eerste culturele prijs van de stad Wassenaar als waardering voor haar inspanningen op het terrein van de muziekeducatie.

Hoe ben je in Nederland terechtgekomen?

Ik ben in Nederland terechtgekomen via mijn man, die half Nederlands, half Maltees is. We woonden samen in Nederland, waar ik aanvoerder was van de tweede violen bij het orkest van de Bayerischen Rundfunk (Beierse Radio). Na ongeveer tien jaar voelden we de behoefte aan een verandering. Bovendien moesten we op een gegeven moment voor ons kind, dat toen vier jaar oud was en naar een kleuterschool in München ging, Lederhose kopen en meenemen naar het Oktoberfest. Met alle respect voor de trotse gevoelens die de Beier voor hun Oktoberfestkoesteren, kon ik me niet voorstellen dat ons kind met die Beierse tongval en in Lederhose zou opgroeien. Daarom hebben we besloten naar Nederland te verhuizen.

 

Met andere woorden, Nederland is niet je eerste buitenlandse ervaring.

Mijn eerste ervaring was Duitsland. Ik ben in 1990 in Berlijn beland. Ik kende de taal niet, in feite kwam het enige wat ik over Duitsland wist uit de film The Great Dictator, wanneer Charlie Chaplin in de microfoon staat te praten en ‘Wiener schnitzel’ zegt. Dat was zo’n beetje het enige wat ik in het Duits wist.

Begin augustus 1990 had ik met het orkest van het Enescu-lyceum deelgenomen aan een festival voor jeugdorkesten in Duitsland. We zijn er met de trein naar toe gegaan, het was geweldig. Ik zat in de negende klas [derde klas middelbare school, vert.], voor de eerste keer in het Westen, samen met mijn medescholieren. Na 36 uur zijn we op onze bestemming aangekomen, waar we werden onderbracht in een hostel. Daar kreeg ik een telefoontje van een vriend van mijn ouders die ik niet vaker dan twee keer in mijn leven had gezien. Hij was pianist en woonde in Berlijn. Hij zei tegen me: ‘Ik heb zojuist met je ouders gesproken, ik kom je ophalen.’ Dat was de grootste schok van mijn leven. Mijn ouders hadden me 50 dollar meegegeven, die ik heb gebruikt voor een telefoontje naar huis. Mijn vader zei tegen me dat hij me een kans moest bieden in mijn leven, niet alleen als musicus maar ook als mens. Ik kon gewoon niet geloven dat hij me liet weggaan. Ik was opeens alleen, op mijn vijftiende. Ik sprak geen Duits en moest overal zelf voor zorgen: school, eten, studie. Ik heb me dat eerste halfjaar heel erg eenzaam gevoeld.

 

Ben je je ouders nu dankbaar voor die beslissing van toen?

Nou en of, nou en of! Ik ben ervan overtuigd dat er bij iedere ervaring, hoe vervelend ook, een moment komt dat je beseft dat de dingen de goede kant op beginnen te gaan. Wanneer je heel, heel diep gezonden bent, in de duisternis zit en geen enkele uitweg meer ziet, zul je op een bepaald ogenblik beseffen dat het allemaal niet voor niets is geweest. Deze ervaring heeft me gevormd. Natuurlijk hadden er ook slechte, serieuze, ernstige situaties kunnen voorkomen, met een meisje van 15 in haar eentje op haar eenkamerflat. Maar juist omdat ik alle vrijheid van de wereld had om stommiteiten uit halen, heb ik dat niet gedaan!

Nadat ik in Berlijn was aangekomen, heb ik examen moeten doen bij het Franse lyceum. Ik kende niet heel erg goed Frans, maar als Roemeen kun je zwemmen in die taal. De laatste drie klassen van de middelbare school heb ik op het Franse lyceum gedaan. Daarnaast was ik een zo geheten jung Studente op wat toen de Hochschule der Künste heette (de huidige Universiteit voor Schone Kunsten, red.) in Berlijn. Later ben ik gaan studeren aan het conservatorium van Berlijn. Tijdens mijn studie had ik uiteraard geld nodig, dus ben ik begonnen in orkesten te spelen en dat alles culmineerde in een beurs bij de academie van de Staatsoper, die was opgericht door Daniel Barenboim. Ik behoorde tot de eerste generatie van die academie. Na twee jaar heb ik mijn eerste aanstelling gekregen aan de Opera van Hamburg, als aanvoerster van de tweede violen, waar ik ook de man heb keren kennen die mijn echtgenoot zou worden. Hij was de dirigent van het orkest.

 

Hoe is de overgang Roemenië-Duitsland-Nederland verlopen?

In het begin had ik het heel erg naar mijn zin in Duitsland, ik heb me heel snel weten aan te passen, ik heb de taal geleerd en ik heb tamelijk snel mijn plekje gevonden. Maar de jaren gaan voorbij en ook je persoonlijkheid verandert ook. Dat geldt ook voor je prioriteiten, vooral als musicus. Zelfs in een orkest als de Bayerischen Rundfunks, een van de beste ter wereld, zelfs daar voel je een bepaalde druk, zou ik zeggen, hoe je dient te zijn, hoe je je dient te gedragen, hoe je dient te spelen. Omdat mijn partner half Nederland, half Maltees is, begon ik ook oog te hebben voor andere culturen, andere orkesten, andere manier van zijn. Ik begon me opgesloten te voelen, te voelen dat ik iedere keer wanneer ik bij het orkest was, eigenlijk iemand anders was. Toen voelde ik de behoefte aan een verandering, misschien was het een soort ‘early midlife crisis’. Ik voelde de behoefte om mijn leven te leiden zoals ik ben en niet zoals anderen willen dat ik ben of zoals anderen me zien.

 

Kunnen we zeggen dat je komst naar Nederland een bevrijding betekende?

Absoluut. Ik voelde me werkelijk bevrijd van allerlei beperkingen, niet alleen in het orkest, maar ook in de maatschappij. Mijn man heeft veel vrienden in Wassenaar, waar we nu wonen, dus we kenden al een hoop Nederlanders, waardoor de overgang niet zo abrupt was. Ons kind was al bevriend met de kinderen van onze vrienden in Nederland, dus ik kwam in een samenleving die me al min of meer vertrouwd was. De Duitse maatschappij is enorm traditioneel, alles rust op principes. Die zijn ook belangrijk, vooral vandaag de dag, ik vind het belangrijk dat je wortels hebt, een systeem van waarden die er nog toe doen in het leven van dag tot dag. Maar die hebben allemaal de neiging om je omlaag te trekken. Je voelt de druk van de maatschappij.

In Nederland heb ik de indruk dat je veel vrijer kunt zijn, je wordt geaccepteerd zoals je bent. De mensen die ik heb leren kennen – want je kunt natuurlijk niet generaliseren – zijn uitermate positief, uitermate tolerant en creatief. Ik denk dat er in Duitsland, door deze druk van de traditie en van de waarden, minder creativiteit bestaat – althans op cultureel gebied – dan hier, in Nederland. Hier komt niets vanzelf, je hebt geen gespreid bedje in de wereld van de cultuur. Daarom moet je erover nadenken wie jij bent, hoe je iets nieuws kunt brengen, hoe je iets nieuws kunt creëren. Deze gedachte is precies mijn bevrijding geweest. Ik heb 15 jaar gespeeld in verschillende orkesten en hoewel ik sectieaanvoerster ben geweest en dus verantwoordelijkheid droeg, blijf je een nummer te midden van de anderen. Wat je speelt is niet jouw verantwoordelijkheid, er wordt je verteld wat het programma is. Niet jij bent verantwoordelijk voor een artistieke visie, je bent een nummer dat moet doen wat je gezegd wordt. Toen ik naar Nederland kwam, was ik ineens niet langer de sectieaanvoerster van de Bayerischen Rundfunks. Wie ben ik? Wat heb ik te bieden, wat kan ik doen? Het was een uitermate belangrijk aspect en ik ben er blij en gelukkig dat ik deze luxe heb gehad, dat mij de luxe is gegund om te kunnen kiezen.

 

Het is een bevrijding, maar er bestaat ook de druk om te ontdekken wie je bent.

Ja, natuurlijk, want het is niet uitgesloten dat je ontdekt dat je niets te zeggen hebt. Zolang het onduidelijk is, bestaat er nog hoop, maar als je niets te zoeken hebt, is dat erg triest. Gelukkig heb ik niet een dergelijke conclusie getrokken. Ik besef iedere dag dat ik nog verder kan gaan, dat er meer dingen in mij bestaan die nog liggen te sluimeren en die ik moet doen ontwaken. En daar schep ik genoegen in. Sinds ik naar Nederland ben gekomen, heb ik natuurlijk het gevoel dat ik met ups en downs leef, van Mount Everest tot de Marianentrog. Zo is een creatief leven. Eigenlijk is het leven gewoon zo, dat creatief zou moeten zijn! Uiteindelijk is de vraag die je jezelf stelt: ‘Wat is mijn rol in dit leven, waarom ben ik hier?’

 

In dit verband is het kamermuziekfestival in Wassenaar je op het lijf geschreven.

Het is precies wat ik heb willen doen. Mijn festival is de uitdrukking van mijn creativiteit geworden. In feite is het mijn baby en het maakt me heel gelukkig hem te zien groeien. Muziekonderwijs voor kinderen is iets heel belangrijks voor mij. Het enige nadeel in Nederland – een groot minpunt wat mij betreft – is het enorm pragmatische onderwijs op school. De kinderen groeien vrij op, heel zelfverzekerd, heel open, maar juist wat ik te veel vond in Duitsland mis ik een beetje in Nederland. Het gaat om waarden en respect voor cultuur. De kinderen in een stad als Wassenaar weten bijvoorbeeld niet eens dat Rembrandt op een steenworp afstand van Wassenaar is geboren, om nog maar te zwijgen over de grote klassieken van de wereldliteratuur.

Ik heb ieder jaar een project met de scholen in Wassenaar. Ik ontmoet dan zo’n 500 kinderen in de leeftijd van 6 tot 12 jaar. Dit jaar heb ik hun gevraagd een verhaaltje voor me te schrijven gebaseerd op de muziek van Le carnaval des animaux van Saint-Saëns. Het zijn 14 heel korte stukjes, en ieder ervan is gewijd aan een dier of aan een groep dieren. Ik heb samen met de kinderen naar een paar deeltjes van Carnavalbeluisterd en nu ben ik heel benieuwd wat voor verhaaltjes ik ga krijgen. Verhaaltjes die vol moeten zitten met humor, positief zijn, goed aflopen, en het dier moet een heel goede daad doen. Positief, constructief, nobel: de principes van het festival van Wassenaar!

 

 

Is dit het project dat je het meest aan je hart gaat?

Absoluut, dit ben ik. Wanneer je met een dergelijke project begint, leer je al doende, je wordt niet geboren als artistiek directeur van een festival. Je hebt een idee dat groeit. Ik ben tien jaar geleden begonnen met een concert, en nu hebben we vijf concerten en een symposium, dat dit jaar zal gaan over muzikaliteit – we hebben ieder jaar een ander thema.

 

Wat betekent succes voor jou?

Ik denk dat de notie van succes verandert met het voortschrijden der jaren. Toen ik op school zat op het Enescu-lyceum in Boekarest, betekende succes hoeveel prijzen ik in de wacht sleepte en of ik op de eerste, de tweede of de derde plaats kwam op het eindexamen. Toen ik eenmaal in Duitsland was, bestond succes eruit dat ik een plek vond in een zo goed mogelijk orkest, en ik kan zeggen dat ik daarin ben geslaagd. Ik vind het heerlijk om tweede viool te spelen in een orkest en ik ben blij dat ik dit kan doen, want bepaald makkelijk is het niet, maar ook omdat anderen vinden dat ik het er goed vanaf breng. Hier in Nederland weet ik niet of ik succes heb, maar ik ben blij dat ik leef, ik ben blij dat ik deze vreugde met anderen kan delen. Als dat succes is, laat dat dan maar zo zijn. In staat te zijn je leven te leiden zoals je wilt, ik denk dat dit nu mijn succesformule is. Maar vraag het me over 20 jaar nog maar een keer, wellicht denk ik er dan anders over!

 

Hoe sta je tegenover de Roemeense gemeenschap in Nederland?

Ik moet zeggen dat ik geen nauwe banden onderhoud met de Roemeense gemeenschap. Eigenlijk voel ik mij een wereldburger, want ik heb in Duitsland gewoond, nu woon ik in Nederland, als musicus speel ik samen met musici met verschillende nationaliteiten, in ben een week in Spanje, dan een week in Finland, dus ik voel me erg open in alle richtingen. Maar het doet me plezier om, al is het maar af en toen, andere Roemenen in Nederland te ontmoeten. Dat zijn echter banden die niet geïnstitutionaliseerd zijn, het zijn persoonlijke en toevallige banden.

En nog iets. Na mijn komst naar Duitsland heb ik geprobeerd me zo goed mogelijk aan die samenleving aan te passen. Na een jaar of vijf-zes ben ik een soort kleine Duitse staatsburger geworden. Sinds ik in Nederland woon, besef ik waar ik vandaan komt, wat mijn wortels zijn. Het feit dat ik ben zoals ik ben, is een gevolg van mijn karakter, van mijn persoonlijkheid als Roemeense. Nederland laat me zijn zoals ik ben. Hier heb ik opnieuw ontdekt wie ik ben, hoe rijk of hoe arm ik ben. Ik ben de som van alle ervaringen die ik heb gehad in Roemenië, Duitsland en zelfs Nederland.

 

Wat voor advies zou je hebben voor een Roemeens die nu naar Nederland zou willen komen?

Ik zou hem zeggen dat hij in zijn bagage zijn eigen persoonlijkheid moet meenemen, dat hij weet wie hij is, dat hij weet was zijn sterke en zijn zwakke punten zijn, en niet te wachten tot hem iets wordt aangereikt, maar zelf iets doen.

 

 

Interview door Claudia Marcu en Alexandru Iosup

Vertaling door Jan Willem Bos

foto’s Claudine Grin www.artportrait.fr

Portret foto: Cristian Călin –  www.cristiancalin.video

Facebook
Google+
Twitter
LinkedIn